Belemmerende overtuigingen. Hoe ze ontstaan en waarom ze blijven

Veel van de gedachten die je over jezelf hebt, voelen als waarheid.
“Ik ben nu eenmaal zo.”
“Ik kan dat niet.”
“Ik ben niet goed genoeg.”

Maar wat als die ‘waarheid’ eigenlijk een oud verhaal is?
Een verhaal dat is ontstaan in je kindertijd — en nooit is herzien?

Waar overtuigingen beginnen

Als kind ben je volledig afhankelijk van je omgeving.
Je brein is nog in ontwikkeling en je hebt één primaire behoefte: veiligheid en verbinding.

Alles wat je meemaakt, krijgt betekenis.
Niet objectief, maar vanuit een kinderlijk perspectief.

Een paar voorbeelden:

  • Je wordt vaak gecorrigeerd → “Ik doe het niet goed”

  • Je emoties zijn ‘te veel’ → “Ik ben te veel”

  • Je voelt je anders dan anderen → “Ik hoor er niet bij”

Dit zijn geen bewuste keuzes.
Dit zijn conclusies die je brein trekt om de wereld begrijpelijk te maken.

En ze helpen je — op dat moment.
Ze geven houvast.

Waarom dit bij ADHD/ADD vaak sterker speelt

Als je ADHD of ADD hebt, is de kans groot dat je:

  • vaker negatieve feedback hebt gekregen

  • moeite had om binnen ‘de norm’ te passen

  • het gevoel had dat je anders was

  • jezelf bent gaan aanpassen om goedkeuring te krijgen

Hierdoor ontstaan overtuigingen niet alleen sneller, maar worden ze ook vaker bevestigd.

Bijvoorbeeld:

  • Moeite met focus → “Zie je wel, ik kan het niet”

  • Impulsiviteit → “Ik ben te druk”

  • Overprikkeling → “Ik ben zwak”

Wat begint als gedrag, wordt identiteit.

Terug naar de kern: vaak zijn het er maar een paar

Hoewel het voelt alsof je heel veel overtuigingen hebt,
zijn ze meestal terug te brengen naar 2 of 3 kernovertuigingen.

De meest voorkomende:

  • Ik ben niet goed genoeg

  • Ik ben te veel

  • Ik hoor er niet bij

Alles wat je denkt en voelt, haakt hier vaak op aan.

Perfectionisme? → niet goed genoeg
Pleasen? → erbij willen horen
Jezelf inhouden? → te veel zijn

Waarom ze blijven

Deze overtuigingen zijn niet zomaar gedachten.
Ze zitten gekoppeld aan emoties, herinneringen en gedrag.

Je brein zoekt continu bevestiging van wat het al ‘weet’.
Dus alles wat past bij die overtuiging, wordt uitvergroot.
En alles wat er niet bij past, wordt genegeerd.

Zo blijft het systeem zichzelf in stand houden.

Hoe je ruimte creëert

Verandering begint niet met ‘positief denken’.
Het begint met herkennen.

  1. Maak het zichtbaar
    Welke overtuiging speelt bij jou het meest?
    Wanneer komt deze omhoog?

  2. Onderzoek de oorsprong
    Waar heb je dit geleerd?
    Van wie? In welke situatie?

  3. Zie het als een oud patroon, niet als waarheid
    Dit is essentieel.
    Het was ooit functioneel — maar is dat nu nog?

  4. Creëer afstand
    In plaats van: “Ik ben niet goed genoeg”
    “Ik merk dat ik de gedachte heb dat ik niet goed genoeg ben”

  5. Kies bewust nieuw gedrag
    Niet perfect, maar anders.
    Kleine stappen die niet meer gestuurd worden door de oude overtuiging.

Van overleven naar leven

Je overtuigingen zijn ooit ontstaan om je te beschermen.
Maar wat je toen nodig had om te overleven,
kan je nu beperken in hoe vrij je leeft.

Zeker met ADHD of ADD is zelfbegrip hierin cruciaal.
Niet nog harder je best doen,
maar jezelf beter leren begrijpen.

Want daar ontstaat ruimte.
Ruimte om niet automatisch te reageren.
Ruimte om nieuwe keuzes te maken.
Ruimte om jezelf opnieuw te ontmoeten.

Niet als ‘te veel’, ‘niet goed genoeg’ of ‘anders’.
Maar als iemand met een eigen ritme, kracht en manier van zijn.

En misschien is dat wel precies de bedoeling.